Er werd om 6u op onze deuren gebonsd wat niet echt nodig was, want het was marktdag en door de herrie was ik al ruim van tevoren wakker door het gemekker van geitjes die met hun vier poten samengebonden als boodschappentassen werden rondgesjouwd, gerammel van stalen deuren, balkende ezels en elkaar begroetende mannen in kaftans met puntcappuchons.
Driss was er ook al snel, en bracht ons ons ontbijtje: omeletje met brood, schoteltje olijfolie en koffie. Hij was inmiddels onze personal assistent geworden.
We hadden gisterenavond bedacht dag we een stukje met de bus zouden gaan want het was koud en mistig en we hadden geen zin om nog drie dagen in de kou van de bergen te fietsen. Driss vertelde dat er een bus ging naar Tata die rond 7u zou langs komen… We stonden op tijd met onze spullen langs de weg. De eerste bus (om 7:30) was vol, en de tweede kon ook wel vol zijn. Oh ja, en die zou over ongeveer een uurtje langs komen. We hebben nog even gewacht, maar toen kwam Ahmed langs – een senior Moroccan citizen met een busje. We hebben de fietsen bovenop gedaan, en de rit aangevangen. We waren de beleefdheidsuitwisselingen met Driss ook wel zat (‘Thank you my friend. You can visit me any time with your family’). Vier klapzoenen en off we went!
Op de toegangsweg vlak voor Igherm werden we gestopt door de politie. Ahmed overhandigde het ene na het andere papiertje maar het was allemaal niet genoeg. De agent keek naar binnen en vroeg onze paspoorten en liep ermee weg. ‘For your security’ zei ie. En daarna: ‘Dangerous’ (wat waarschijnlijk ook wel zo was, want het was een afgrijselijk aftandse bus) en na verloop van tijd bleek dat Ahmed was aangehouden vanwege illegaal toeristenvervoer, waarop wij zeiden: ‘Ahmed is friend!’.
-‘Really? He friend?’
‘Yes! Good friend!’. Gooiden de naam ‘Driss’ ook nog in de strijd. Ahmed zelf begreep er niet zoveel van. De agent was echter overtuigd, gaf onze paspoorten terug en wenste ons een goede reis.
De rit is spectaculair. Marslandschapachtige omgevingen. Ahmed stampt flink door in de Toyota. Af en toe stopt ie zonder wat te zeggen. Zet de motor uit, hobbelt naar een bosje waar hij zijn kaftan licht. Hij is de jongste niet meer. We nemen afscheid met twee kriebelige zoenen (zijn initiatief).
In Tata eten we een gegrild kippetje wat ik beter niet had kunnen doen. De laatste 30km speelde m’n maag op en kotste ik de eerste batch uit. Ik heb me gesleept achter Kees aan richting Tissint want ik voelde me hondsberoerd. Ik heb het gehaald maar vraag niet hoe. ‘s Nachts heb ik maag volledig geledigd. Zo, eindelijk!